Steun ons en help Nederland vooruit

Rol van de gemeente bij participatie

D66 Zoetermeer wil:

1. Inwoners, groepen en organisaties vanaf het begin betrekken bij het ontwikkelen van gemeentelijke plannen. Eenieder heeft het recht van initiatief en advies.

Het vanaf het begin van de beleidsvorming starten met de raadpleging van alle betrokken partijen, waarbij er aangeven kan worden waar men behoefte aan heeft, zouden we graag onder een nog duidelijker noemer willen brengen dan het woord “participatie” aangeeft.

We hebben overwogen om hiervoor de term “beginspraak” te hanteren, als een samenvoeging van de woorden beg(in) en (in)spraak. Deze term zou dan duidelijk moeten maken dat inspraak voor ons onlosmakelijk is verbonden met het begin van alle projecten en beleidsvoornemens van de gemeente.

We houden ons echter aanbevolen voor alternatieve suggesties van Zoetermeerders die dit belangrijke uitgangspunt bij beleidsvorming nog beter in een heldere benaming zouden kunnen vatten.

2. Beslissingsbevoegdheden, handelingsmogelijkheden en afspraken over budgetten daar waar mogelijk meer decentraal beleggen. De gemeente moet de participatie centraal stellen, actief ondersteunen en begeleiden. Alleen waar nodig worden (professionele) deskundigen ingezet voor advies.

3. Participatie processen moeten worden gestructureerd, beginnend met de raadpleging van alle betrokken partijen en eindigend met een evaluatie van het proces. De gemeente moet het proces bewaken en er moet ruimte zijn voor bezwaar– en beroepsmogelijkheden tegen een voorgenomen besluit. Belangengroepen en –organisaties moeten worden betrokken in de raadpleging.

4. De gemeenteraad kan aan de participatie bijdragen door bij de start van de planvorming duidelijke doelstellingen, uitgangspunten en randvoorwaarden mee te geven.

5. Rol van ambtenaren verschuift van beleidsvoorstellen doen naar processen begeleiden. Inwoners en organisaties willen in dit tijdperk van internet en sociale media mede keuzes maken, voor hen zelf en hun directe omgeving. Het mandaat voor het gemeentelijk beleid is uiteraard wel voorbehouden aan de gemeenteraad.

6. De gemeenteraad richt zich in principe op het aangeven van kaders waarin normen, criteria en randvoorwaarden opgenomen zijn. De uitwerking van hoofdlijn naar concreet plan is in handen van het College. Echter, bij de uitwerking kan – ondermeer door beginspraak en inspraak – blijken dat de gestelde kaders tot problemen bij de bevolking leiden. Op basis van voortschrijdend inzicht dient de raad dan de bevoegdheid te hebben tot bijstelling van de kaders en/of het College aan te geven tot bijstelling van het concrete plan te komen.

7. Aan de besluiten van de gemeenteraad gaat in het algemeen een breed proces van beginspraak en inspraak vooraf. Ook in de gemeenteraad vindt een uitgebreide openbare discussie plaats. In het geval van klachten van burgers over het onvoldoende gehoord worden, hebben deze klachten veelal te maken met besluiten waarbij de bevoegdheid bij het College ligt en niet bij de gemeenteraad. Het College vergadert – anders dan de gemeenteraad – niet openbaar, en ook treedt het College met één stem naar buiten. Openbare discussie kan dan ook onvoldoende zijn. D66 vindt het van belang dat het beginspraakproces juist ook bij Collegebesluiten zorgvuldig wordt georganiseerd. De gemeenteraad dient hierin een belangrijke stem te hebben.

8. Elke maandag vergadert de gemeenteraad. Door de jaren heen worden veel besluiten genomen. Tot nu toe is er geen overzicht waar terug te vinden is, hoe politieke fracties gestemd hebben op de vele uiteenlopende onderwerpen. Door Zoetermeer aan te sluiten op een nieuwe landelijke website “Hoe stemt de raad” kan de bevolking altijd terugvinden hoe er gestemd is. De transparantie van het openbaar bestuur is hiermee gediend.

Laatst gewijzigd op 22 november 2018